De 8 geboden van het toerfietsen

Toerfietsen is leuk! En hoewel het geen teamsport is, doe je het in de meeste gevallen toch samen met anderen. Om het voor u en uw fietsmaten leuk en veilig te houden, gelden voor het rijden in een groep wel een aantal regels/afspraken.

De belangrijkste zijn:

Gij zult signalen doorgeven

Aangezien het zicht op de weg – zeker achterin een groep – gering is, geven de voorste rijders de bekende signalen als ‘voor’, ‘tegen’, ‘paal’ etc. Het is uitdrukkelijk de bedoeling dat deze signalen worden doorgegeven tot in de achterste rijen in de groep, omdat deze anders voor verrassing komen te staan die makkelijk kunnen leiden tot ernstige valpartijen. Het luid en duidelijk doorgeven van signalen is dus ieders verantwoordelijkheid!

Gij zult uw lijn houden

Het lijkt aantrekkelijk om tegen de wind steeds achter de rug van de rijder voor je te kruipen. Maar de chaos die wordt veroorzaakt door naar het beste plekje zoekende fietsers heeft al heel wat valpartijen op zijn geweten. Een goed functioneerde groep houdt daarom zijn altijd zijn lijn. Kom je niet meer tegen de wind in, is de veel gehoorde kreet ‘tandje terug’ meer dan geschikt om het tempo iets te laten zakken. Mocht je dat beschamend vinden, bedenk dan dat er met jou vaak meer mensen stuk zitten, die je in stilte dankbaar zijn voor je initiatief.

Gij gaat samen uit en komt samen thuis

Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid het motto ‘samen uit, samen thuis’ waar te maken. Dus als iemand het niet bij kan houden, wordt dit doorgegeven en zullen de overige deelnemers van de tocht de snelheid aanpassen. Dit moet ook gebeuren als iemand constateert dat een ander het niet goed bij kan houden. Het kan niet zo zijn dat één of meerdere deelnemers afhaken, omdat we de genoemde snelheid zonodig moeten halen. Dit geldt ook als iemand pech heeft, we laten niemand achter, maar met elkaar wordt de reparatie uitgevoerd of een oplossing gezocht.

Gij zult niet onnodig remmen

Een groep fietsers functioneert het beste als iedereen ongeveer hetzelfde tempo aanhoudt. Doe dat ook zoveel mogelijk in een bocht. Rem dan niet (of zo weinig mogelijk) af, omdat het effect van het remmen op elke volgende rij fietsers sterker wordt, met als resultaat dat de achterste rijen vaak heel hard in de remmen moeten. Na een bocht en/of lastige situatie houden de voorste fietsers tempo in totdat de groep weer aaneengesloten is.

Gij zult twee handen aan het stuur houden

Met de snelheden waarmee wij rijden, ligt een ongeluk in een klein hoekje. Elke oneffenheid op de weg, een uitstekende klinker of een te brede naad in een tegelpad kan een valpartij veroorzaken als je het stuur niet goed vast hebt. Mocht je om wat voor reden ook toch met één of losse handen willen fietsen, laat je dan afzakken naar de laatste rij. Als je dan valt, neem je tenminste niet een aantal collega’s mee.

Gij kunt een band verwisselen

Mensen die de moeite nemen om wekelijks vele kilometers in weer en wind te rijden, moeten ook weten hoe een lekke binnenband vervangen moet worden. Ze gokken niet uit pure gemakszucht op de kans dat een teammaat dat wel voor ze doet. Ze hebben dan ook altijd minstens twee reserve binnenbanden bij zich.

Gij zult ook eens kopwerk doen

Ook de mensen die vaak op kop rijden, vinden het fijn als er af en toe eens wordt afgelost. En ook al ben je (nog) niet zo’n sterke fietser, een stukje op kop om de anderen te ontlasten wordt zeer op prijs gesteld. Dan vindt ook niemand het vreemd als jouw kopwerk iets minder lang duurt. Het gaat om het gebaar.

Gij dient u te beseffen dat de toerfietsers een kuddedier is

Besef je dat, als je op kop rijdt en er een kruising moet worden overgestoken, of als je door rood licht rijdt, er altijd nog een groep achter je volgt die (bijna) altijd op jouw oordeel vertrouwt. En hoewel iedere toerfietser ook hierin een eigen verantwoordelijkheid heeft, is enige voorzichtigheid van de kopmensen toch wel op z’n plaats.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *